Wanneer medewerkers werkzaamheden bij een andere organisatie verrichten, betekent dit niet zonder meer dat zij worden uitgeleend. Het is mogelijk dat een werkgever met zijn eigen medewerkers een opdracht uitvoert voor een andere organisatie. Het is ook mogelijk dat de werkgever zijn medewerkers aan die organisatie ter beschikking stelt, zodat zij onder leiding en toezicht van die organisatie werkzaamheden verrichten.
De kernvraag is of een werknemer onder eigen toezicht en verantwoordelijkheid werkt of onder toezicht en verantwoordelijkheid van de derde waar de werknemer aan het werk is.
Werkzaamheden uitvoeren in opdracht van een andere organisatie
Een werkgever kan met een andere organisatie overeenkomen dat bepaalde werkzaamheden worden uitgevoerd. Het kan daarbij gaan om het verrichten van diensten, het uitvoeren van een project of het aannemen van werk.
De focus ligt dan op wat er gerealiseerd gaat worden en niet op wie dat doet. De werkgever blijft in dat geval zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van de opdracht. Hij bepaalt hoe de werkzaamheden worden uitgevoerd en oefent leiding en toezicht uit over de medewerkers die hij daarvoor inzet.
Dat de werkzaamheden plaatsvinden op de locatie van de opdrachtgever, betekent dus nog niet dat de medewerkers aan die opdrachtgever ter beschikking worden gesteld. Denk bijvoorbeeld aan een installatiebedrijf dat met eigen monteurs werkzaamheden uitvoert bij een klant. Het installatiebedrijf bepaalt hoe het werk wordt uitgevoerd, welke medewerkers ingezet worden ingezet en hoe zij hun werkzaamheden uitvoeren. Zelfs als de opdrachtgever aanwijzingen geeft over de toegang tot het gebouw wordt dat niet anders, want dat is geen leidinggeven aan de werkzaamheden zelf.
Wanneer een werkgever de werkzaamheden zelf aanstuurt en verantwoordelijk blijft voor de uitvoering, gaat het om dienstverlening of aanneming van werk. De werkzaamheden vallen dan niet onder de definitie van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten in de Waadi (art. 1 lid 3 onder a Waadi).
Ter beschikking stellen van arbeidskrachten
Het gaat om uitlenen van personeel als een werkgever een medewerker tegen vergoeding beschikbaar stelt aan een andere organisatie die ook de leiding en het toezicht krijgt over die medewerker.
De uitlener is de organisatie die de medewerker beschikbaar stelt en de inlener is organisatie waar de medewerker onder leiding en toezicht werkt. De medewerker is en blijft in dienst van de uitlener, maar werkt feitelijk voor de inlener. Voor het beschikbaar stellen van de medewerker ontvangt de uitlener een vergoeding.
De Waadi omschrijft het als het tegen vergoeding ter beschikking stellen van arbeidskrachten aan een ander voor het onder diens toezicht en leiding verrichten van arbeid.
Dit geldt dus niet alleen voor uitzendbureaus. De regels gelden voor iedere werkgever die een medewerker ter beschikking stelt.
Wie oefent leiding en toezicht uit?
De vraag of er sprake is van uitlenen van personeel, gaat dus vooral om de vraag wie de feitelijke leiding en het toezicht over de werkzaamheden heeft.
In geval van dienstverlening bepaalt de eigen werkgever hoe medewerkers de opdracht uitvoeren. De opdrachtgever kan aanwijzingen geven over het gewenste resultaat, maar is niet degene die de dagelijkse werkzaamheden van de medewerkers aanstuurt.
In geval van uitlenen van personeel bepaalt de inlener welke werkzaamheden de medewerker verricht en op welke wijze deze worden uitgevoerd. De medewerker volgt voor het dagelijkse werk de instructies van de inlener.
Relevante vragen zijn:
Wie bepaalt de inhoud en planning van de dagelijkse werkzaamheden?
Wie geeft de medewerker instructies over de uitvoering van het werk?
Wie controleert het werk en beoordeelt de uitvoering?
Wie is er verantwoordelijk voor het resultaat van de opdracht?
Werkt de medewerker onder leiding van een eigen leidinggevende of van een leidinggevende van de opdrachtgever?
Op grond van dit soort vragen wordt er gekeken worden wat zich feitelijk voordoet.
Niet het papier, maar de feitelijke uitvoering is bepalend
De benaming voor uitleen kan verschillen. Denk aan dienstverlening, detachering, inhuur, projectuitvoering en aanneming van werk. De gekozen benaming is echter niet bepalend.
Een overeenkomst die dienstverlening wordt genoemd, kan feitelijk toch het uitlenen van personeel zijn wanneer de opdrachtgever de medewerker zelf aanstuurt over het werk. Omgekeerd hoeft bij een overeenkomst die detachering wordt genoemd niet steeds sprake te zijn van het uitlenen van personeel. Bepalend is onder wiens toezicht en leiding het werk wordt uitgevoerd en dat er een vergoeding wordt betaald.
Voorbeelden
Een technisch bedrijf neemt een opdracht aan om bij een klant machines te installeren. De eigen projectleider verdeelt het werk en geeft instructies aan de monteurs. Dan is er sprake van dienstverlening of aanneming van werk.
Als een bedrijf een monteur beschikbaar stelt die vervolgens meedraait in het team van de klant. Dan bepaalt de klant bepaalt welke storingen de monteur oplost en hoe dat werk moet worden uitgevoerd. In dat geval kan er sprake zijn van het ter beschikking stellen van personeel wanneer voor het werk van de monteur een vergoeding wordt gevraagd.
Gevolgen van het onderscheid
Een werkgever die eigen medewerkers werkzaamheden uitvoert en zelf de feitelijke leiding en het toezicht behoudt, valt niet onder de Waadi. Wanneer er sprake is van ter beschikking stellen van arbeidskrachten gelden strenge wettelijke regels gelden.
Hierop wordt nader ingegaan in hoofdstuk 1.9.2. De bijzondere uitzondering voor collegiale uitleen wordt behandeld in hoofdstuk 1.9.3.
Verder zoeken
Deze pagina is onderdeel van hoofdstuk 1 over het aangaan van de arbeidsovereenkomst en de rechten en plichten die hierdoor ontstaan. U vindt in dit deel informatie over: