Specialisten informatie – Opkomen tegen ontslag door de werknemer

Bij ontslag op staande voet kan een werknemer vernietiging en loon eisen of kiezen voor schadevergoeding en transitievergoeding. Ontslag kan aangevochten worden via de kantonrechter binnen twee maanden na beëindiging van het dienstverband.

Opkomen tegen ontslag door de werknemer

De invoering van de Wet Werk & Zekerheid brengt inhoudelijk geen wezenlijke verandering in de toetsing van het ontslag op staande voet, omdat artikel 7:677 lid 1 nagenoeg gelijk blijft:

Ieder der partijen is bevoegd de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen om een dringende reden, onder onverwijlde mededeling van die reden aan de wederpartij.”

Anders ligt dat voor de procedures, nu hierin grote wijzigingen zullen komen.

De werknemer die tegen het ontslag opkomt krijgt de volgende opties:

Een werknemer die op staande voet is ontslagen, zal stellen dat het ontslag niet rechtsgeldig is, omdat niet is voldaan aan het bepaalde in artikel 7:677 en de werknemer geen instemming heeft gegeven voor het ontslag (7:671 lid 1 ). De werknemer stelt niet langer dat het UWV geen toestemming heeft verleend voor het ontslag, nu het UWV slechts voor economische en langdurige zieke ontslagen de aangewezen instantie is.
Vernietiging en loon vorderen:
Voor vernietiging kan de werknemer een verzoekschriftprocedure starten (artikel 7:686a lid 2). Dat is op grond van artikel 7:677 lid 4, omdat niet is voldaan aan de vereisten voor ontslag op staande voet (artikel 7:677 lid 1), als ook op grond van artikel 7:681 omdat geen instemming is verleend zoals dat dan is vereist (artikel 7:671). De termijn om vernietiging te vragen bij de kantonrechter is twee maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst (7:686a lid 4). In hetzelfde verzoek zal de werknemer ook de loonvordering met wettelijke verhoging en rente vragen, nu deze vordering verband houdt met een ontslag op grond van artikel 7:677 (artikel 7:686a lid 3).

Vragen van schadevergoedingen:

Een werknemer die het ontslag niet laat vernietigen, kan in plaats daarvan schadevergoedingen vragen.

  • Gaat het om een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die niet tussentijds opgezegd mag worden, dan gaat het om een schadeloosstelling gelijk aan het loon tot wanneer het contract normaal zou zijn geëindigd (art 7:677 lid 4 BW). Gaat het om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd of bepaalde tijd die wel tussentijds beëindigd mag worden, dan gaat het om een schadeloosstelling gelijk aan het loon over de lengte van de opzegtermijn (artikel 7:671 lid 9), die gematigd kan worden (artikel 7:671 lid 10).
  • Naast deze schadeloosstelling kan een werknemer die twee jaar in dienst is, een transitievergoeding vorderen (artikel 7:673 lid 1). Dat kan niet als er sprake is van ernstige verwijtbaarheid van de werknemer (artikel 7:673 lid 7), tenzij het niet toekennen van de vergoeding tot een onaanvaardbaar resultaat zou leiden (artikel 7:673 lid 8).
  • Naast de schadeloosstelling en/of transitievergoeding, kan de werknemer een vergoeding naar billijkheid vragen (artikel 7:681 lid 1 BW).

De wet spreekt over “ernstig verwijtbaar handelen of nalaten”, bijvoorbeeld bij het recht op een transitievergoeding en vergoeding naar billijkheid, als ook bij het terstond ontbinden van de arbeidsovereenkomst. Om enig inzicht te krijgen in wat hieronder wordt verstaan, zijn in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel voorbeelden genoemd:

  • “de situatie waarin de werknemer zich schuldig maakt aan diefstal, verduistering, bedrog of andere misdrijven, waardoor hij het vertrouwen van de werkgever onwaardig wordt;
  • de situatie waarin de werknemer in strijd met eigen in de praktijk toegepaste en voor de werknemer kenbare gedragsregels van de organisatie van de werkgever, geld leent uit de bedrijfskas en zulks leidt tot een vertrouwensbreuk;
  • de situatie waarin de werknemer controlevoorschriften bij ziekte herhaaldelijk, ook na toepassing van loonopschorting, niet naleeft en hiervoor geen gegronde reden bestaat;
  • de situatie waarin de werknemer veelvuldig en zonder gegronde reden te laat op zijn werk verschijnt, hierdoor de bedrijfsvoering wordt belemmerd en de werkgever de werknemer hier al tevergeefs op heeft aangesproken;
  • de situatie waarin de werknemer op oneigenlijke wijze heeft geprobeerd zijn productiecijfers gunstiger voor te stellen en hij hierdoor het vertrouwen van de werkgever ernstig heeft beschaamd. “

 
Deze informatie is voor cursisten die bij ons een opleiding arbeidsrecht volgen.


 

Onze opleidingen

Leergang arbeidsrecht

Met deze opleiding leert u de essentie van het arbeidsrecht aan de hand van boeiende praktijk-voorbeelden. De doelgroep is iedereen die een grondige basis wenst in het arbeidsrecht, zoals een medewerker HR, bedrijfsleider, belastingadviseur of medewerker loonadministratie.

Lees meer

Specialist arbeidsrecht

De opleiding Specialist Arbeidsrecht is bedoeld voor de cursisten die zich vergaand willen specialiseren. Degene die doelgericht in dossiers willen adviseren of zelf handelen. Deze cursus is op het niveau post-master en bedoeld voor o.a. HR-directors, HR-managers, accountants, mediators en rechtskundigen

Lees meer

Strategisch arbeidsrecht

Deze Post-Master bestaat u 4 volledige cursusdagen in het arbeidsrecht (totaal 28 uur). Tijdens deze dagen leert u complexe vraagstukken op te lossen, waarbij u met begrip, strategie en visie doelgericht kunt werken.  De overzichtelijke opbouw en praktische aanpak maken de dagen direct toepasbaar. 

Lees meer

Training HR + AI

In deze Post-Master werkt u aan alle bouwstenen van uw oplossend vermogen. Juist in het tijdperk van AI is het belangrijk om doortastend, doelgericht, kritisch en verbindend te zijn. Dit is dus veel meer dan een AI-training. Het gaat om jou en hoe je integraal vraagstukken kan oplossen met een menselijke maat. 

Interactieve cursusdagen in ons HR + AI - centrum

Lees meer