|
|
| ||||||||||
3.7.1. WW-verzekerden die "werkloos" worden
Werkloos?De medewerker heeft voorheen een bepaalde periode gewerkt
Van werkloosheid volgens de wet is sprake, als de medewerker van de 36 weken voor de dag van de werkloosheid, minimaal 26 weken heeft gewerkt. Daarbij telt iedere week mee die hij heeft gewerkt of loon krijgt doorbetaald in verband met vakantie, echter alleen bij de werkgever met wie de arbeidsverhouding eindigde. Het is niet van belang hoeveel uren hij in die week heeft gewerkt. Is de medewerker gehele weken met verlof of ziek geweest, dan worden deze weken overgeslagen, waardoor andere weken meetellen bij de 26-uit-36-eis. Voor musici, filmmedewerkers en artiesten en de werknemers die deze groepen technisch ondersteunen bestaat er een verlaagde wekeneis (16 weken uit 39 weken). Voor seizoenmedewerkers is de verlaagde wekeneis komen te vervallen. Het is mogelijk dat een medewerker werkloos wordt bij een werkgever waar hij kort in dienst is geweest. In dat geval tellen bij de beoordeling van gewerkte weken binnen 36 weken, ook de weken mee bij andere werkgevers, onder de voorwaarde dat deze arbeidsrelaties aan de arbeidsverhoudingen met de laatste werkgever vooraf gingen.
Zonder werk komen te zitten of minder uren werkzaam worden
Van "werkloos" worden is sprake, wanneer een medewerker minimaal een bepaald aantal arbeidsuren verliest, in vergelijking met de gemiddelde arbeidsduur per week in de laatste 26 weken. Het verlies aan arbeidsuren dient minimaal 5 uur per week te zijn. Was de medewerker voor minder dan 10 uur per week werkzaam, dan moet het verlies aan uren minimaal de helft bedragen van het aantal uren per week (art 16-1 WW). Bij de vaststelling van het verlies aan uren, wordt niet alleen gekeken naar het aantal uren dat de medewerker per keer verliest, maar bijvoorbeeld ook naar het totaal van de uren binnen twee opvolgende weken. Voor een medewerker die een variabel aantal uren per week werkt wordt het gemiddelde aantal uren berekend over de laatste 26 weken, waarmee de achteruitgang in uren wordt vergeleken en waarbij rekening wordt gehouden met de uren waarover de medewerker loon kreeg betaald.
Beschikbaar zijn om te werken
Een persoon is niet werkloos, als hij niet beschikbaar is om te werken, oftewel hij moet zowel de wil als het vermogen hebben om te werken. Daartoe is een volledig arbeidsongeschikte medewerker niet instaat waardoor die medewerker aanspraak moet maken op een andere uitkering.
Verlies aan inkomen
Een medewerker die door zijn werkgever niet tewerkgesteld wordt en die wel aanspraak op loon kan maken wordt niet als "werkloos" gezien. Kan de werkgever door een faillissement het loon niet doorbetalen, dan komt de medewerker mogelijk voor een WW-uitkering in aanmerking, ook als hij in theorie nog in dienst is en recht op loon heeft (3.4.6.1.).
Speciale regelingen
Het is mogelijk dat de werkgever een shorttime-vergunning heeft gekregen om het aantal arbeidsuren van medewerkers te verlagen, teneinde een tijdelijke periode van abnormale slapte te overbruggen (7.). Medewerkers komen dan doorgaans voor een werkloosheidsuitkering in aanmerking. Min of meer vergelijkbare (algemene) regelingen kunnen er bestaan, als bepaalde (weers)omstandigheden voordoen, waarbij er tijdelijk niet gewerkt kan worden. In deze bijzondere omstandigheden wordt niet altijd de eis gesteld dat de medewerker minimaal 5 uur aan werk verliest. Degene is in eerste instantie niet verplicht om zich in te schrijven bij de Centra voor Werk en Inkomen en hoeft in beginsel niet naar andere passende arbeid te zoeken. De uitkering wordt niet via het UWV Werkbedrijf, maar direct bij de uitvoeringsinstelling aangevraagd.
|
|
| ||||||||||
| Door gebruik te maken van deze website of andere diensten van ArbeidsConsultancy gaat u akkoord met de algemene voorwaarden, inclusief de uitsluiting van de aansprakelijkheid voor (type)fouten. |
![]() |